5 dingen die het einde kunnen betekenen voor je klassieker

In tegenstelling tot wat men vaak denkt, is een klassieke auto geen stuk antiek dat met zijden handschoentjes aangepakt moet worden. Veel oldtimers kunnen redelijk wat hebben: vooral de Amerikaanse wagens uit de jaren ’50 en ’60. Maar zelfs de meest robuuste wagen krijgt het moeilijk bij deze vijf dingen.

Schadelijke dingen oldtimer

Onbruik

Dit gaat wellicht in tegen het algemene beeld van oldtimers; dat van Trailer Queen (de auto die per aanhangwagen van show naar show gaat) of museumstuk. Men denkt vaak dat dit de best onderhouden klassieke auto’s zijn. Het tegengestelde is echter waar, deze auto’s kunnen de weg simpelweg vaak niet op omdat ze zo problematisch rijden. Onbruik is dus eigenlijk hetzelfde als misbruik: banden krijgen vlekken, gas wordt vernis, batterijen corroderen. Oldtimers die worden gebruikt en regelmatig onderhouden zijn de meest betrouwbare en gelukkigste oude auto’s.

Onzorgvuldig opbergen

Het nalaten om de brandstof goed af te voeren, geen steunpoten gebruiken, antivries dat niet volgens de gestelde standaarden is: allen dragen bij aan de achteruitgang van een wagen en vallen onder de noemer onzorgvuldige opslag. Maar de meest destructieve in deze zijn knaagdieren: muizen en ratten. Deze plaaggeesten kunnen een oldtimer behoorlijk aantasten. Ze knagen aan stoffering, maken nestjes in de isolering en kauwen op kabels waar je pas achter komt als je Mustang begint te roken. Alert blijven dus!

Strooizout

De reactie tussen zout en ijzer zorgt voor ijzeroxidatie, beter bekend als roest. Hoewel dit misschien (redelijk) algemene kennis is, realiseren maar weinig mensen hóe snel the damage is done. Slechts één rit over een versbestrooide, natte weg brengt aanzienlijke schade toe aan alles wat geen goede beschermlaag heeft. Zo is je uitlaat of het frame van de auto voordat je het weet voorzien van een lelijke laag roest. Zo nu en dan een flinke plensbui meepakken is dan weer geen drama, zo lang de bekleding niet nat wordt en nat blijft.

Oude banden

De meeste oldtimers rijden geen 20.000 km per jaar, waardoor de banden er vaak redelijk goed uit zien. Niet alles is echter wat het lijkt: leeftijd, droogrot en blootstelling aan UV-straling kunnen onherstelbare schade aan de banden aanrichten die je op het eerste gezicht niet ziet. Na iedere 6 á 7 jaar zouden banden dan ook verwisseld moeten worden: dan hebben ze hun beste tijd echt gehad. Hoe goed ze er dus nog uitzien. Slechte banden zijn namelijk niet alleen een gevaar voor jouw veiligheid maar ook voor die van je klassieker: een beschadigde band kan zo maar klappen en voor lelijke schade zorgen.

Een slechte chauffeur

De lijst met dingen die de levensduur van je oldtimer verkorten is lang – te lang voor dit artikel. Maar het meest destructieve ding is misschien wel om haar niet goed warm te laten worden alvorens vol gas te geven. Begin áltijd voorzichtig met rijden totdat de wagen een normale – gemiddelde – temperatuur heeft bereikt, of je sloopt de motor gegarandeerd.